|
Men neemt aan dat de kleinere examplaren van de middenslag Schnauzer misschien
gekruist met de Affenpinscher de voorouders waren voor dit ras. Dit ras werd aan
het begin van de 19e eeuw in Duitsland gefokt, maar het duurde tot de 20e eeuw
voordat het ras naar andere Europese landen kwam. Naast de Dwergschnauzer
bestaan twee andere grootteslagen, de Middenslag- en de Riesenschnauzer Het is
een aantrekkelijke hond met een goed karakter.
|
Gebruik:
Activiteit:
- De Dwerg Schnauzer heeft
normale lichaamsbeweging nodig. Hij ravot graag buiten. Hou er rekening mee
dat dit ras enorm gesteld is op gezelschap en het liefst bij zijn baas is.
Aard:
- Gehoorzaam
- Aanhankelijk
- Pittig
- Durfal
- Geen allemansvriend
- Intelligent
- Gehoorzaam
- Lief voor kinderen
- Gesteld op menselijk
gezelschap
|
Verschijning:
- Algemeen: De Dwerg
Schnauzer is een vierkante en sterke hond. Het lichaam is kort (even lang
als de schofthoogte) met matig brede en zeer diepe borst en matig gewelfde
ribben. De rug is recht en sterk. Buik matig opgetrokken. Middelmatig lange
benen met goed bot. Lange hals zonder keelhuid.
- Kleur: Zwart,
zwart-zilver of peper- en zoutkleurig.
- Hoofd en schedel: Het
hoofd is langgerekt met vlakke schedel. Matig breed tussen de oren en
gelijkmatig smaller wordend naar de ogen toe. Krachtige voorsnuit met matige
stop, die echter duidelijker lijkt door de bossige wenkbrauwen. Ovale,
donkergekleurde ogen. Knopoor. Schaargebit.
- Staart: Tot 3 wervels
ingekort. Hoog aangezet en loodrecht gedragen.
- Voeten: Tamelijk rond en
middelmatig van grootte. Tenen gebogen met zwarte nagels. Kattevoeten en
vast aaneengesloten. Dikke eeltkussens. Donkere nagels en harde voetzolen.
- Beharing: Ruw en hard met
ruige wenkbrauwen en baard. Glad op de hals, schouders, oren en schedel.
Grof op de voorbenen. De ondervacht is dicht en hard.
- Schofthoogte: Reu en
Teef: 30 - 35 cm.
 |